Er is een gesprek dat ik vaak voer, een paar maanden na een overname.
Met de leidinggevende, die mij vraagt hoe het zit met zijn team. "Ze zeggen dat het goed gaat," zegt hij, "maar ik voel dat het dat niet is." En dan met de medewerkers, apart, waarbij bijna altijd hetzelfde naar boven komt: onzekerheid, twijfel, het gevoel dat ze niet alles kunnen zeggen wat ze denken.
"Het gaat goed" is de meest gebruikte leugen na een overname. Vooral omdat eerlijk zijn risico's heeft die ze liever vermijden.
De loyaliteitskloof
Na een overname zitten mensen met loyaliteiten die met elkaar in conflict zijn.
Loyaliteit aan de vroegere manier van werken, aan collega's die al lang weg zijn of een andere rol hebben gekregen, aan een cultuur die bestaat maar officieel niet meer mag bestaan. En tegelijk de verwachting - soms uitgesproken, soms niet - dat ze enthousiast zijn over de nieuwe situatie.
Die twee houden niet vanzelf op te wrijven.
Mensen die lang voor een bedrijf hebben gewerkt, hebben een identiteit opgebouwd rond dat bedrijf. "Ik werk bij X" is niet alleen een antwoord op een vraag op een feestje. Het zegt ook iets over wie ze zijn, hoe ze werken, waar ze trots op zijn. Als X opeens anders heet, of onderdeel wordt van Y, valt een stuk van die identiteit weg.
Dat rouwproces mag er zijn. Maar het vraagt erkenning, geen ontkenning.
Wat leidinggevenden verkeerd doen in de eerste maanden
Niet uit kwade wil. Maar er zijn patronen die ik steeds opnieuw zie.
Te snel positief zijn. "Dit is een geweldige kans voor ons allemaal" klinkt mooi in een e-mail aan het team, maar als mensen thuis twijfelen of hun job er over zes maanden nog is, wekt die zin irritatie, geen vertrouwen. Positief zijn is niet verkeerd. Te snel positief zijn slaat een brug die mensen nog niet kunnen steken.
Veranderingen doorvoeren zonder uitleg. Processen veranderen, systemen veranderen, rapporteringslijnen veranderen. Dat hoort bij een integratie. Maar als mensen niet begrijpen waarom iets verandert, vullen ze de leegte zelf in. En de verhalen die ze zichzelf vertellen zijn zelden neutraal.
Signalen negeren omdat het ongemakkelijk is. Een medewerker die stil geworden is in vergaderingen. Een team waar de humor verdwenen is. Een informeel netwerk dat begint te gonzen. Dat zijn geen kleine dingen. Dat zijn vroege signalen van een grotere kloof die groter wordt als je er niets mee doet.
Wat wel werkt
Er is geen formule. Maar er zijn dingen die consistent het verschil maken.
Gesprekken voeren, niet aankondigingen doen. De neiging na een overname is om te communiceren via e-mails en presentaties. Dat is efficiënt, maar het creëert geen vertrouwen. Vertrouwen bouw je in gesprekken - kleine, informele, echte gesprekken waarbij je luistert zonder agenda.
Benoemen wat er moeilijk is. "Ik weet dat dit veel onzekerheid met zich meebrengt en dat niet alles duidelijk is. Dat snap ik." Die zin kost niets en geeft mensen het gevoel dat ze niet gek zijn als ze het moeilijk hebben. Dat is geen zwakte tonen. Dat is eerlijk zijn.
Zichtbaar zijn. Leidinggevenden die na een overname achter hun bureau verdwijnen, verliezen het contact op een moment dat contact alles is. Kom op de vloer. Stel vragen. Eet een keer mee met je team. Niet als event, maar als gewoonte.
Het vertrouwen dat je nu opbouwt, betaalt zich jaren terug
Fusies en overnames worden gemeten in synergieën, kostenbesparingen en marktaandeel. Maar het enige wat op lange termijn telt, is of de mensen die erin werken willen blijven en willen bijdragen.
Dat vertrouwen bouw je niet met een mooi integratieplan. Je bouwt het met hoe je je gedraagt in de maanden dat het schuurt.
Het schuurt nu. Dat is normaal. Maar wat je nu doet, bepaalt hoe het er over een jaar uitziet.
De MENSENzaak begeleidt leidinggevenden en teams door de menselijke kant van fusies en overnames. Van de eerste communicatie tot de nieuwe cultuur. Meer weten? Stuur een mail naar welkom@demensenzaak.be.

Reacties